Yes! Tom Lanoye wint de driejaarlijkse Prijs der Nederlandse Letteren!
​
Toen ik dat las, kocht ik meteen een kaartje voor de volkse viering van dit heuglijke nieuws. Sinds mijn studentenjaren bewonder ik het literaire talent van deze slagerszoon met brilletje. Fans, vrienden, perslieden en leestoeristen mochten zich op 12 oktober 2024 verwachten aan een literair spektakel in de prachtige art-decosetting van De Roma. En het werd een heerlijk flamboyante avond vol onversneden drama, groteske overdrijvingen, scherpe humor en luchtige noten.
Dat Lanoye graag in de schijnwerpers staat, is geweten. Zijn fascinatie voor het podium doet me wel eens denken aan de rol die troubadours in de middeleeuwen vervulden: al rondtoerend verhalen, poëzie en artistiek vertier tot bij de gewone man brengen.
Bovendien had Lanoye een keur aan ‘special guests’ opgetrommeld. Zo kwam de fenomenale Jan Decleir met veel aplomb voorlezen uit Tom zijn werk. Zelfs Antjie Krog, de literaire vriendin van Tom Lanoye, was speciaal overgevlogen uit Kaapstad om in vrij verstaanbaar Afrikaans verbaal vuurwerk te geven.
Daarna trad de voor mij onbekende Lisette Ma Neza aan, die in een poëtisch duel met Lanoye verzeilde en bijna won.
Podiumbeest dat hij is, las Lanoye natuurlijk ook voor uit eigen werk. Ik ben al sinds mijn puberjaren vegetariër, maar toen hij dermate plastisch een scène uit “Slagerszoon met een brilletje” declameerde – meer bepaald de scène waarin zijn vader liefdevol een verse homp ossenhaas versnijdt tot flinterdunne schijfjes om er dan voorzichtig eentje in Toms ‘kinderklauw’ te leggen – kreeg ik bijna zin in een, jawel, schijfje ossenhaas.
Lichtjes uitdagend en met de nodige ironie, fileerde de slagerszoon tussendoor de Zuid-Koreaanse schrijfster Han Kang, die met ‘De vegetariër’ twee dagen eerder de Nobelprijs voor Literatuur had weggekaapt.
En toen was het tijd voor muziek.
De geweldige Els Dottermans kwam het podium op met in haar zog ‘Tutti Fratelli’, het sociaal-artistieke project waarvan wijlen Reinhilde Decleir artistiek leidster was. Broer Jan stond lichtjes onbeholpen aan de zijlijn, maar deed niettemin zijn best.
Maar wat een stemmen! Samen met Els Dottermans bracht het koor een warme ode aan Ann Christie en het leverde menig kippenvelmoment op toen de ganse Roma spontaan ‘Dat heet dan gelukkig zijn!’ begon mee te zingen (ik schrijf bewust niet ‘brullen’ want het klonk warempel fantastisch).
Ik heb nog wekenlang nagenoten omdat ‘Dat heet dan gelukkig zijn!’ maar door mijn hoofd blééf schallen. Wat een nummer! En dat allemaal voor de democratische prijs van 19 euro.​
​
​
​





An evening with... Tom Lanoye
WES 1
oktober 2024
De Roma


Tento "HYBRIDEN"
​​
Mythologische wezens, fabeldieren en sprookjesfiguren hebben de mens altijd al
gefascineerd. Denk maar aan eenhoorns, draken en zeemeerminnen of aan mysterieuze schepsels als de sfinx, centaur, harpij, minotaurus, sater, griffoen, feniks en sirene. Een aantal onder hen maken al sinds de oudheid deel uit van onze cultuur.
Het zijn vaak hybride wezens, een combinatie van mens en dier. De meeste creaturen zijn ontsproten uit de verbeelding van goden uit het Oude Egypte, Mesopotamië, Griekenland en Rome.
​
In latere tijden speelden deze hybriden een cruciale rol in oude verhalen en legendes. Ze fungeerden als krachtige symbolen en metaforen die hielpen bij het uitleggen van de natuur, maar ook bij het overbrengen van morele lessen. Door hun samengestelde aard konden hybride wezens complexe ideeën en gevoelens vertegenwoordigen.
​
Naast de culturele, moraliserende, religieuze en diverterende rol waren en zijn
deze fantasiewezens ook een onuitputtelijke inspiratiebron voor vertel- en andere kunstenaars. Ook vandaag nog bevolken hybride wezens onze fantasie en zijn ze immens populair in films, boeken en games.
​
Of je nu leerkracht Nederlands, geschiedenis, godsdienst, andere talen, kunst, Mavo, woordkunst of cultuurbeschouwing bent, troon je leerlingen als het even kan mee naar dit rariteitenkabinet! Je leert er alles over de ontstaansgeschiedenis en evolutie van fabelachtige creaturen en bovendien is alles prachtig geënsceneerd met zowel nieuwe als eeuwenoude, curieuze objecten. Een ‘must see’!
​​
​
Expozaal Cultuurhuis De Warande
Tentoonstelling “HYBRIDEN. Samengestelde wezens uit fabels, mythen en legenden” van zondag 9 juni 2024 tot zondag 17 november 2024. Vrije gift​.
​
​
​
​
​
​
​
​
​









WES 1
november 2024
Cultuurhuis De Warande
WES 1
oktober 2024
De Djoelen
Stef Kamil Carlens



Misschien niet meteen bruikbaar in de Nederlandse les, maar toch is dit optreden vermeldenswaardig aangezien deze getalenteerde Antwerpenaar met een onbetwiste liefde voor poëzie - wat is de liefde voor de taal der muziek anders - op het podium staat.
​
Zoals de foto's al verraden, heb ik heel erg genoten van dit swingend optreden van Stef Kamil Carlens & The Swoon op
30 oktober 2024 in De Djoelen, Oud-Turnhout. Je hoeft niet altijd naar onze hoofdstad te trekken om een geweldig artiest aan het werk te zien. Stef Kamil Carlens kennen jullie zeker nog wel van dEUS en Zita Swoon. Inmiddels speelt hij onder eigen naam en blijft hij zijn publiek betoveren met zijn unieke stijl, een mix van rauwe blues, swingende pop en groovy funk. Ik overdrijf niet als ik zeg dat Stef Kamil bij momenten klinkt als onze Vlaamse Prince.
Ik heb geen handtekening gevraagd maar wel of ik met hem op de foto mocht. Wat een lieve, bescheiden man is me dat!
We zouden een schoon koppel zijn, toch? 😊
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​​
​
​


WES 3
11 januari 2025
Cultuurhuis De Warande
BOERENALMANAK OP PLANKEN
Een ploeg snijdt door de houten podiumvloer, een levende kip wordt geofferd, mensen zaaien, oogsten, feesten en verdwijnen onder de planken van het podium. FC Bergman neemt ons met 'Werken en dagen' mee op een woordeloze reis door de seizoenen, de cycli van het leven en onze relatie met de natuur. Het resultaat is een visueel overdonderend schouwspel dat balanceert tussen poëzie en chaos, traditie en moderniteit.
​
Collectief getalenteerd ​
​
Ik zag het Antwerpse collectief FC Bergman – waar o.a. a Stef Aerts, Marie Vinck, Matteo Simoni en Bart Hollanders deel van uitmaken – al vaker aan het werk. Zo was ik in 2022 helemaal ondersteboven van The Sheep Song, onvergetelijk bevreemdend theater met echte levende schapen op het podium. Ik herinner me vooral de scène waarin een schaap aandoenlijk rechtop wandelt over een loopband, in een wanhopige poging om mens te worden.
​
Logisch dus dat ik uitkeek naar deze voorstelling, Het collectief heeft een unieke theatertaal zonder woorden ontwikkeld. Ook in Werken en dagen wordt nauwelijks gesproken. Het zijn de scènes, stilistisch en esthetisch beeldige plaatjes, die voor zich spreken.
​
Het stuk is losjes gebaseerd op Hesiodos’ agrarische dichtwerk Werken en dagen uit 700 voor Christus. Verwacht geen historische reconstructie maar wel een beeldende studie van onze vervreemding van de natuur, de rol van technologie en de menselijke nood aan rituelen.
​​
Een ploeg en een kip
​
De voorstelling opent met een tableau vivant: rond een ouderwetse houten ploeg wringen, wroeten en wrikkelen acht spelers. Ze zetten zich schrap, werken samen, trekken de ploeg voort.
Het boerenleven passeert in al zijn glorie en glimt van noeste arbeid. Het is hard werken op het podium: iedereen helpt mee, met het werk op het land, met het zaaien en oogsten, met het opruimen, met het bouwen van een schuur, met het opzetten van een sobere meiboom. Ze vieren samen feest en voeren rituelen uit.
​
Een levende kip is het enige dier op scène. Ze paradeert zelfzeker op het podium, met een verbazend gerust gemoed, maar ze is niet voor lang de ster van de avond. Wanneer één van de acteurs de kip in een zak stopt, die dichtknoopt en er als een gek mee op de vloer begint te slaan totdat de zak rood kleurt, schiet ik verontwaardigd uit mijn roodpluchen stoel op rij 8.
​
​Tot het me begint te dagen dat ik getuige was van een knap staaltje visuele illusie. Dit moest een rituele slachting verbeelden natuurlijk! Dus de kip leeft nog! Het verklaart alleszins waarom ze zo ontspannen op dat drukdoende podium kip zat te wezen.
​
Rituelen versus moderniteit
​
Even later zien we hoe beesten – bestaande uit dekens en menselijke lichamen – ruw aan touwen het podium worden opgeduwd om te paren. Een mensenkoppel wordt iets feestelijker tot coïtus aangezet. Wanneer een ander met lappen in elkaar gezet dier gevild en opengesneden wordt, stroomt er geen bloed maar een sliert rode linten uit het kadaver. Het is een krachtig, gesublimeerd beeld. Het rituele karakter wordt live versterkt met blokfluitgetjilp, saxofoon en percussie.
​
Naast de cycli van het boerenleven, zet FC Bergman ook de evolutie van technologie in scène. Een stoommachine daalt als een deus ex machina uit de lucht, een glimmend afgodsbeeld dat de mens verleidt en tegelijkertijd dreigt te verzwelgen. Een subtiele kritiek op de moderniteit? Of net een pleidooi voor het samengaan van techniek en traditie?
​
Woordeloze poëzie
​
Zoals gezegd zijn de scènes esthetisch verbluffend; het lijken soms levende kunstfoto’s. In sommige beelden herken je iconische kunstwerken zoals De Zaaier van Millet, het ontbijt op het gras (Manet), Adam en Eva.
Wat vooral beklijft, is het rauwe, ontroerende beeld van de oudere boerenvrouw die in de gietende regen moederziel alleen haar ploeg probeert voort te trekken, daar niet in slaagt en neerzijgt in de modderige, doorweekte akker. Onvoorstelbaar hoe slecht het weer kan zijn op een podium, verbluffend hoe de makers dat technisch gezien voor elkaar krijgen.
​
Snerpend slotakkoord
​
Bevreemdend want lichtjes ‘out of tune’ was de robothond die op het einde van het stuk kwispelend zijn weg zocht doorheen een desolaat landschap. Het werkte op de lachspieren totdat juist op dát moment de timer van mijn gsm afging. Ik begrijp echt niet hoe die – onbedoeld want op stil en na enkele kiekjes diep weggestopt in mijn tas - in werking was gezet. Zó gênant! Gelukkig leek het alsof dit snerpend alarm hoorde bij de kwispelende scène.
Na het slotakkoord kreeg het gezelschap een oorverdovende, staande ovatie. Ik heb na deze voorstelling nog urenlang verdwaasd zitten wezen. Het is FC Bergman alweer gelukt om met Werken en dagen een voorstelling te maken die raakt, verwondert en ontregelt. Het is geen aanklacht, geen moralistisch betoog, maar een visueel uitmuntende reflectie over de plaats van de mens in de natuur, de nood aan rituelen en de verbondenheid met de seizoenen. Of een pleidooi voor de terugkeer van de boerenalmanak. Om hartverscheurende heimwee van te krijgen.
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​
​








WES 3
14 februari 2025
Bourla Schouwburg
'The Grief of Red Granny'
Afrika Goes Classic: een muzikaal rouwritueel
dat schuurt en schittert

​​
Dit semester beloofde ik mezelf een opera cadeau te doen. Het werd een 'Afropera'.
In het programmaboekje van de Bourla Schouwburg in Antwerpen zocht en vond ik een intrigerende titel: ‘The Grief of Red Granny’. De première zou plaats vinden op 14 februari, de dag van de liefde. Bovendien beloofde de voorstelling met een mix van klassieke opera en Zuid-Afrikaanse ritmes, een uitdagend experiment te worden.
​
Opera valt beter op een volle maag, zegt men wel eens... Na een heerlijk diner in de brasserie van de Bourla, hoofdzakelijk bevolkt door hongerige, verliefde stellen, streken we neer op de ietwat harde zitjes van de prachtige neoclassicistische schouwburg. Compleet ondergedompeld in de sfeer van de belle époque, waren we helemaal klaar voor deze ‘Afropera’ van theatermaker Gorges Ocloo.
​
Sacraal decor
​
Wat we te zien kregen was een eigenzinnige interpretatie van Pergolesi’s Stabat Mater, een iconisch werk dat het verdriet van Maria over haar gekruisigde zoon bezingt.
​
De enscenering van The Grief of Red Granny vond ik heel geslaagd. Wat een goed idee om een boom te planten in het midden van je bed! In het decor dat het midden houdt tussen een ruïne, een slaapkamer en een sacrale ruimte vinden we naast het bed met grote boom nog andere mythische en religieuze elementen terug, zoals een stromend riviertje en een schommel.
​
De rouwende weduwe – vertolkt door een sterke Tine Joustra – weet duidelijk met haar verdriet geen blijf. We zien haar opkomen in een prachtige witte jurk – ze leek eerder een bruid dan een door smart verteerde weduwe – waarna ze haar emoties in poëtische zinnen begint te declameren, afwisselend in het Frans, Nederlands, Engels en Duits nog wel. Om slechte verstaanders ter wille te zijn, wordt elke zin vertaald via een projectie.
​
Engelengeduld
​
De weduwe wordt liefdevol omringd door zes engelen in koningsrode gewaden, die niet zouden misstaan op de catwalk. Ze begeleiden haar rouw met Latijnse gezangen, opzwepende ritmes en bezwerende rituelen. Tussendoor spreken, fluisteren en kwebbelen de engelen in het Zoeloe, Afrikaans en Xhosa. Jammer genoeg werden deze conversaties niét ondertiteld. Ik had nochtans graag geweten welke praatjes de engelen achter de rug van de weduwe aan het verspreiden waren.
​
Om de mythische sfeer kracht bij te zetten werd volop gebruik gemaakt van een rookmachine. De scène leek helemaal op te gaan in de wolken, hoog boven het aards gekrioel en gekloot. Goede vondst, ware het niet dat het ding af en toe in overdrive ging. Het toneel was bij momenten meer mist dan podium, mijn ogen traanden en mijn keel schuurde van de rook. Wie zei ook weer trop is te veel?
​Hybride kunstvorm
​
Om het nog even over de muziek te hebben, het getuigt van durf om klassieke operazang en Afrikaanse ritmes de degens te laten kruisen. Hoewel de zanglijnen technisch niet altijd loepzuiver klonken, heb ik wel genoten van deze onorthodoxe combinatie. Onder de Afrikaanse operazangers was er één (Ntuthuko Ziqubu) die meegesleept door het ritme van drums en bas, ongelooflijke dansmoves neerzette. Een lust om naar te kijken. En in een andere setting een hele goede reden om uit die harde stoel te komen.
​
Universeel verdriet
​
The Grief of Red Granny gaat over het rouwproces en de behoefte aan rituelen bij afscheid. Je leest er vooraf best het programmaboekje op na, want zonder voorkennis begrijp je amper waar het stuk over gaat. Het verhaal is fragmentarisch en beoogt naar mijn gevoel veeleer een sfeerschepping.
​
Na enig opzoekwerk kom ik te weten dat Ocloo in deze 'Afropera' persoonlijke en historische verhalen – van zijn eigen familiegeschiedenis tot de verboden rouw van koningin Elisabeth van België – met elkaar verbindt. Hij wil de universele eenzaamheid blootleggen die komt bovendrijven als je geen kans krijgt om verdriet zonder ritueel en steun van je omgeving te verwerken. Van alle rituelen rond ‘rites de passage’ lijken die rond de dood steeds minder belangrijk in onze westerse samenleving. Zeker in vergelijking met de vele Afrikaanse culturen en tradities.
​
Ondanks de visuele pracht en krachtige muzikale kruisbestuiving, blijft de emotionele impact van deze voorstelling beperkt. Maar dat zal misschien aan mij, een opera-leek, liggen. In mijn beleving primeert de esthetiek hier op het daadwerkelijk overbrengen van emotie. Dat het hoofdpersonage – een blanke actrice tussen zwarte engelen – meer in haar lingerie rondhuppelt dan in haar rouwende bruidsjurk, beklemtoont wellicht haar naakte eenzaamheid en kwetsbaarheid, maar het komt tegelijk ook gekunsteld en artistiekerig over.
​
Gewaagd maar niet volledig geslaagd
The Grief of Red Granny is een gedurfde, visueel prachtige productie die de grenzen van opera oprekt. Ocloo’s ambitie om Afrikaanse en westerse tradities te versmelten levert intrigerende momenten op, maar de uitvoering mist soms emotionele diepgang. We zagen een uitgesponnen ritueel dat zowel schuurt als schittert, maar niet altijd beklijft. Het stuk duurde bijna drie uur, wat net iets te lang was om te blijven boeien.
​
In de pers las ik alvast de aankondiging van een vervolg op deze voorstelling. Ik denk niet dat ik me opnieuw wil laten onderdompelen in dit soort rouwepos. Misschien is een klassieke opera de volgende keer een betere keuze?
​
​







WES 4
26 februari 2025
Cultuurhuis de Warande
Tom Van Dyck
“Overal zit mens: een moordfantasie”

Tom Van Dyck komt naar Cultuurhuis de Warande in Turnhout dus voor mij een kleine stap om een kaartje te bestellen. Al sinds zijn rollen in ‘Alles kan beter’ en ‘In de gloria’ ben ik een bewonderaar van zijn kunnen. Van Dyck beheerst het ambacht om elk personage – van seutige new waver en opdringerige TV- reporter tot simpele slagerszoon – naar zijn hand te zetten.
De laatste keer dat ik Tom Van Dyck live aan het werk zag, was in juni 2022 in mijn geboortedorp Weelde. Hij bracht daar samen met zijn compagnons van Olympique Dramatique een grandioze versie van ‘Wachten op Godot’. Prachtig was dat.
​
Deze keer staat Van Dyck er alleen voor. “Overal zit mens: een moordfantasie” is een theatermonoloog gebaseerd op de succesroman van Yves Petry. Het stuk opent met het beeld van een geïsoleerde houten uitkijktoren, ver boven het publiek. Boven in de toren zit Kasper Kind, een kluizenaar in dienst van ‘Natuur en Bos’. In een kaki outfit, met de uitstraling van een soldaat op post, ademt deze boswachter vooral eenzaamheid. Hij heeft het volkomen gehad met de mensheid, die als zelfgenoegzame kuddebeesten onze natuur onverbiddelijk om zeep helpen.
‘Iedere dag worden wij met onze neus in ons eigen vuil gedrukt. Maar of we daar nu zindelijk van gaan worden, dat is maar zeer de vraag’, zo begint Kasper Kind zijn verhaal. Om te vervolgen met misantropische praat à la ‘mensen zijn ongewervelde schijtluizen’ en ‘de kids zijn tegenwoordig doemtreffender dan klimatologen’.
De toon is gezet.
​
Om niet ten prooi te vallen aan de complete waanzin, beraamt Kasper een moord op zijn beste vriend Max. Hij maakt het publiek tot zijn samenzweerderige medeplichtigen. Het is duidelijk dat Kasper geobsedeerd is door Max, de jongen die jaren geleden zijn zus verkoos boven hem.
​
In deze monoloog – veel tekst, weinig rustpauzes - toont Van Dyck zich een ware meester. We zien de kwetsbaarheid doorheen zijn drammerig betoog, we voelen de kortsluiting in zijn hoofd waar motieven en twijfels kriskras door elkaar beuken.
​​
'Radicaliseren is niet zo simpel als het lijkt', zegt Kasper. En daar heeft hij wellicht nog gelijk in ook. Het publiek is getuige van het filosofische proces dat hem tot zijn moordplan drijft. Met soms een komisch effect.
Kasper oefent voor de spiegel wat hij tegen zijn slachtoffer gaat zeggen voor hij hem gaat neerknallen, wat doet denken aan een scène uit Taxi Driver. Bovenal hanteert deze lone wolf een prachtige taal. Woorden als ‘breinwandeling’ of zinnen als ‘we leven maar één keer en dat is echt wel kort’ blijven plakken.
'Mijn kans om interessant te zijn, is definitief verkeken', zegt Kasper op het einde. Ook met zijn eigen homoseksualiteit ligt hij overhoop. De voorstelling raakt aan grote thema’s zoals de verwoesting van de natuur, de slaafse kuddegeest van de mens, het verlangen naar liefde en erkenning en het innerlijke gevecht met identiteit en seksualiteit. Het zijn de worstelingen van een blanke vijftiger maar de twijfels en wanhoop zijn van alle tijden en generaties.
​
Om die reden is dit stuk zeker wel interessant voor een jeugdig publiek. Anderzijds zit niet elke jongeling te wachten op filosofische gesprekken met het complexe 'ik' en de waanzin van een verbitterde geest. Maar waar je als kijker vooral mee achterblijft, is deernis voor een mismeesterd brein. En laat daar nu net geen leeftijd op staan.
​
​
​





WES 2
21 september 2025
Cultuurhuis De Warande
Groenten uit Balen
​
De voorstelling ‘Guernica Guernica’ van FC Bergman stond het afgelopen najaar hoog op mijn cultuurlijstje. Langs alle kanten waaide me toe dat dit messcherpe drieluik meesterlijk en dus niet te missen was. Helaas waren alle 19 voorstellingen in de Bourla in een mum van tijd uitverkocht. Toevallig mocht een vriend van mij als één van de 80 figuranten mee op het podium. Omwille van de vele repetities die de rol met zich meebracht, kon die vriend zijn eerder gekochte kaartje voor Groenten uit Balen in CC De Warande niet verzilveren. En zo kreeg ik als troostprijs iconisch Kempens theater in de plaats.


Walter van den Broeck
©Bert De Deken
Flashback
​​
In 1971 brak er een staking uit in de zinkfabriek Vieille Montagne in Balen-Wezel. Walter van den Broeck gaf in die tijd les in Balen en maakte de staking van dichtbij mee. Omdat de vakbonden de staking niet steunden, zaten zo’n 1.500 arbeiders gedurende negen weken zonder inkomen. Een ongeziene solidariteit verspreidde zich onder de dorpelingen van Mol en Balen: huisvrouwen maakten voedselpakketten, de stakers overtuigden banken om tijdelijk geen (af)betalingen te vorderen, verhuurders zagen af van de huur, lokale kruideniers gaven gratis winkelwaren weg, … Uiteindelijk stemden de fabrieksbazen in met de geëiste loonsverhoging en wonnen de arbeiders het pleit.
​​
Het is tegen deze historische achtergrond van sociale onlusten dat Walter van den Broeck in 1972 Groenten uit Balen schreef. Het stuk sloeg in als een bom, niet alleen bij de stakers en hun familie, maar ook bij progressieve theatermakers die toen naar manieren zochten om maatschappelijk geëngageerde thema’s tot bij een breed publiek te brengen.
Het werd een blijver en een hit in het amateurtheater. Frank Van Mechelen maakte er in 2011 nog een geslaagde rolprent van met o.a. Stany Crets, Tiny Bertels, Evelien Bosmans en Michel Van Dousselaere in de hoofdrollen.
​​​​
Het verhaal
​​​​​
Van den Broeck schetst drie generaties uit een traditioneel Kempens gezin, die samen in een arbeidershuisje wonen. Dat was in die tijd geen ‘oarighed’. Het gezin draait rond vader Jan Debruyckere die door de staking werkloos thuis zit en onderwijl brieven schrijft aan Koning Boudewijn, zijn vrouw Clara die achter zijn rug de brieven ‘post’ in de brandende kolenkachel en de inwonende, immer sakkerende opa die zijn beste jaren aan de zinkfabriek heeft gegeven en aan de loodziekte lijdt. En dan is er ook nog de rebelse 18-jarige dochter Germaine die zwanger is van met de stakers sympathiserende rechtenstudent Luc. De tijdsgeest indachtig is de zwangerschap allesbehalve welgekomen in het gezin, maar ze laat Germaine niettemin te dromen van een leven buiten de “cité”. Ook huismoeder Clara ziet op betere dagen een toekomst met “chauffage en tapis-plain” wel zitten.
​​​​
Eerbetoon
​​​​
Na meer dan 1000 opvoeringen sinds 1972, was Groenten uit Balen afgelopen jaar weer op tournee langs meer dan 60 uitverkochte zalen in Vlaanderen. Zo’n anderhalf jaar geleden overleed Walter van den Broeck. Zijn thuisstad Turnhout, waar hij ereburger was, riep 2025 uit tot het ‘Walter van den Broeck-jaar’. De heruitvoering van Groenten uit Balen maakte deel uit van dit eerbetoon.
Ik zag de matineevoorstelling op 21 september 2025 in Cultuurhuis De Warande. Theaterregisseur Stany Crets tekende voor de bewerking. Hij stelde een topcast samen met in de hoofdrollen Kempische kleppers die voluit mochten gaan in hun eigen dialect: we horen Ben Segers in het Arendonks, Tania Van der Sanden met een tongval recht uit Nijlen en Koen De Bouw in het plat Turnhouts.
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​​
​​​
Groenten uit Balen: de film (2011) Groenten uit Balen: het toneelstuk (2025)
​​​
Passé?
​​
Hoewel in de pers andere geluiden echoën, is Groenten uit Balen wat mij betreft nog steeds relevant. Het vertelt in feite het universele verhaal van een gezin in crisis. Stemmen die zeggen dat deze klassieker aan een actualisering toe is, missen volgens mij de essentie van wat Walter met zijn tijdsdocument wilde duidelijk maken. Het stuk toont het belang van de lokale opstand van 1.500 Kempense arbeiders toén, in 1971. Net zoals Louis Paul Boon dat in hetzelfde jaar deed met zijn roman 'Daens’, waarin hij de sociale en politieke strijd van arbeiders in de 19e eeuw in het fabrieksstadje Aalst beschreef. We gaan dat boek toch ook niet vertalen naar pakweg de vluchtelingenproblematiek van vandaag? Jonge, getalenteerde theatermakers die hun ei kwijt willen, zullen eerder dan een moderne 'remake' van Groenten uit Balen te overwegen, hun ideeën plukken uit de gruwel en absurditeiten van de 21ste eeuw, me dunkt.
​​​​​
Groenten uit Balen kan zo worden aangesneden in de klas: het is een stukje lokale geschiedenis en werpt een verhelderend licht op de evolutie van de vakbonden, de rol van het studentenactivisme, de kiemen van de milieubeweging, de tweede feministische golf, enzovoort. Het snijdt thema’s aan die ook vandaag nog relevant zijn zoals solidariteit, de macht van het kapitaal, tienerzwangerschappen en het belang van stakingen. Om die reden zou ik leerlingen van de derde graad zeker meetronen naar deze theatervoorstelling. Nadien een boom opzetten over de zin en onzin van het kijken naar een Kempens toneelstuk uit de vorige eeuw, hoort daar uiteraard ook bij.
Het feit dat de acteurs in Kempens dialect spreken, bemoeilijkt misschien de verstaanbaarheid, vooral voor leerlingen met een andere thuistaal. Tegelijk kan het de drempel verlagen voor hen die minder affiniteit hebben met theater of juist wel vertrouwd zijn met het volkse idioom. Vervolgens is een bruggetje naar taalregisters en dialecten in de les snel gemaakt.
Maar bovenal is deze voorstelling de perfecte aanleiding om leerlingen te laten kennismaken met het prachtige oeuvre dat Walter van den Broeck heeft nagelaten.
In de jaren '90 kwam ik Walter wel eens tegen in een bekende bruine kroeg in Turnhout. Aan de toog knoopte hij graag gesprekken aan met de 'gewone man' en vroeg dan 'Vertel me eens iets over uw leven'. Ik denk dat hij in dat café heel wat inspiratie heeft opgedaan voor zijn romanpersonages. Ik vind van den Broeck alleszins geniaal in zijn observaties van het alledaagse. Hij weet steeds een komisch, goedmoedig universum te scheppen waar het goed vertoeven is. ‘Lang Weekend’ en ‘Brief aan Boudewijn’ verdienen om die reden zeker een plaats in de klas.
Beste groenten
​​​​​​
Als uitsmijter geef ik nog de ware toedracht weg over de verschrijving ‘Groenten’ in plaats van ‘Groeten’, waarmee hoofdpersonage Jan Debruyckere zijn vele brieven aan de koning afsluit. Deze lapsus gaat terug op een briefje dat de moeder van een leerling schreef aan Walter van den Broeck, toen hij nog Nederlands gaf aan de Rijksschool in Balen. Ze verontschuldigde haar dochter omdat ze niet naar school kon komen omwille van ‘ge weet wel wat’ en sloot af met ‘de beste groenten’.
​
​
​


Epiloog
​
Enkele weken na de matineevoorstelling van Groenten uit Balen werd ik tweemaal door een meevaller getroffen: ik heb een kaartje kunnen bemachtigen voor één van de extra voorstellingen in de Bourlaschouwburg van Guernica Guernica in oktober 2026 én ik heb het boekje met de originele theatertekst van Groenten uit Balen teruggevonden in mijn boekenkast, gesigneerd door de meester himself.
Mocht er een WES 5 bestaan, zou ik jullie er in deze rubriek álles en nog meer over kunnen vertellen!
​​



